Noteer alstublieft juffrouw. Geachte heren, tik tik tik tik tik…Het was een van de betere cartoons van Kamagurka, en dus al jaren oud.
In India is de allerlaatste mechanische schrijfmachine van de wereld gemaakt. Het bedrijf in Mumbai, maar gezien het onderwerp mag ik nog Bombay zeggen, sluit de deuren. Tenminste, als de laatste 100 exemplaren verkocht zijn. De meeste van die machines hebben een Arabisch toetsenbord. Dan hoef je je geen zorgen te maken over querty of azerty.
De onderneming die tot gisteren als enige op aarde traditionele manuele schrijfmachines in elkaar schroefde, heet Godrej and Boyce. De laatste klanten waren overheidsinstanties, rechtbanken en militairen. Maar ook die, zelfs in Koeweit en Mauretanië, zijn overgeschakeld op de computer. Zouden er nog bedrijven zijn die bandopnemers en zwart-wit-televisietoestellen maken?
Het voorbije jaar produceerde Godrej and Boyce maar 10.000 machines meer. Naar goed Indiaas gebruik werkten er zowat evenveel mensen in het bedrijf, een stervende dinosaurus uit de tijd van de geplande staatseconomie, hindoe-versie. Op automobielvlak is Hindustan Motors, van de Ambassador, een vergelijkbaar bedrijf, hoewel dat de deur openzette voor modernere producten en samenwerking met Japan.
In de eindfase van de Britse Raj, en tijdens de eerste jaren van de Indiase onafhankelijkheid, met de uitbouw van een reusachtige administratie, was het bedrijf van CEO Milind Dukle een wereldleider. Of gebruiken we de term CEO niet voor de directeur van een fabriek die zo iets ouderwets maakt? Kreeg hij ooit een bonus? En de aandeelhouders?
Rekening houdend met de respectabele leeftijd van de gemiddelde typewriter in stoffige Indiase overheids- en justitiekantoren moet de Godrej goede marchandise zijn. Ik denk dat de Indiase klerk zijn oud toestel niet meteen door het raam zal gooien, zelfs niet in Bangalore, het Silicon Valley van het oosten. Ook op straat, van Calcutta over Delhi tot Chennai, zal de degelijke schrijfmachine nog lang het werktuig blijven van schrijvers die alles uittikken voor analfabeten, van huwelijksaanzoeken tot officiële documenten.
Design
De Godrej Prima, uitgevoerd in 2 onopvallende grijstinten, sluit anderhalve eeuw kantoormachine-geschiedenis af. Het design ervan houdt het midden tussen een fifties Olympia en een sixties Olivetti. Het is de bureau-pendant van de Royal Enfield Bullet, een motorrijwiel gebaseerd op een Brits model van net na de oorlog, maar nog altijd te koop.
In 1950 noemde premier Nehru de producten van Godrej and Boyce dé symbolen van de vooruitgang van zijn jonge natie. Het bedrijf maakte er 50.000 per jaar, ook toen al een bescheiden aantal.
De schrijfmachine is een Amerikaanse uitvinding uit 1867. Drie handige mannen bedachten samen het concept, en verkochten het aan Remington, in die tijd een vermaarde constructeur van naaimachines en wapens. Rond de eeuwwisseling had het ontwerp zijn typische technologie bereikt.
Het klavier is sindsdien niet wezenlijk veranderd. Het dichtste dat je nu bij een typemachine kan komen is de Brother AX, ziet er uit als een manuele tikker, zonder scherm, maar werkt als een computer.
De schrijfmachine werd vooral bediend door vrouwen. Typiste was een vrouwelijk beroep, vaak uitgeoefend in de tikkamer. De chef dicteerde, de juffrouw deed van tik-tik-dring.
Douglas en Bogart
Maar in Hollywood zaten ook mannelijke sterreporters achter het klavier. Kirk Douglas stak zijn sigaret aan met een lucifer die hij tegen de bewegende wagen van een schrijfmachine liet ontvlammen. Humphrey Bogart deed hetzelfde met het toestel van zijn secretaresse. Intussen is het overal verboden te roken op kantoor. Computers hoeven geen sigaretten te kunnen aansteken.
Een schrijfmachine heeft net als een piano een klavier. Iedereen kent het wereldberoemde concerto The Typewriter van Leroy Anderson Martin (1908-1975), waar een tikmachine als solo-instrument met de klanken van toetsen, bel, wagen, en het papier dat de uitvoerder uit de machine rukt, duelleert met een klein symfonisch orkest. Jerry Lewis maakte er een magistrale gekke bekken-versie van.
Met veel respect voor de gestroomlijnde lichte slanke frisgekleurde Olivetti’s, maar de mooiste schrijfmachines vind ik toch de zwaardere modellen vanaf de jaren 30. Het ontwerp behoorde meer tot de architectuur dan tot de vormgeving. Niet onterecht kreeg het witte praalzuchtige monument voor koning Victor-Emmanuel II, het Victoriano of Altaar van het Vaderland, niet ver van de Corso in Rome, de bijnaam Macchina da Scrivere. Stamt overigens uit dezelfde tijd als de eerste Remington.
Miskoop
Op zo’n ouwe kist heb ik leren typen, of beter, ik probeerde het. Nooit heb ik geweten dat het belsignaal om de wagen naar de andere kant te gooien en een nieuwe regel aan te vatten, 7 tekens voor het einde weerklonk. Ik zat altijd te ver. Lesgever was de directeur van de middelbare school die 1 uur per week vrijmaakte om facultatief en vrijwillig de balsturige leerlingen van het zesde jaar de knepen van dactylo te leren. Eigenlijk was het een deal: hij schonk ons zijn tijd, wij hielden ons gedeisd bij een paar leerkrachten zonder gezag.
Thuis bracht ik het verworvene in de praktijk op de Olympia Portable van mijn vader. Mijn broer kocht later een elektrische Olympia. Krek hetzelfde, maar met snoer en stekker. Niet erg zinvol eigenlijk. En dat lawaai!
De ergste miskoop van mijn leven was in 1991 een elektronische Olympia. Ik had toen een en ander te tikken, maakte daar een weekend voor vrij en schafte mij op vrijdagavond die miskleun aan. Eerste ontgoocheling: de Olympia bleek helemaal niet in Duitsland gemaakt, zoals het apparaat van mijn vader, maar integraal in het verre oosten. Hetzelfde fiasco beleefde ik later met een Hoover-stofzuiger.
Op zaterdagmiddag begon ik moedig te tikken. Omdat het een gelaagde tekst was, moest ik een paar alinea’s onderstrepen of in vet drukken. Ik had met moeite een blad of 3 getikt, of de cassette was leeg. Een bescheiden lint dat vele keren heen en weer rolde tot het helemaal doorprikt was, bleek te primitief voor East-Olympia. Daar zat ik dan, nog 150 bladzijden voor de boeg, maar zonder inkt. Ik had in de veronderstelling verkeerd dat zo’n cassette 1000 bladzijden aan kon. Overigens, cassettes en toners vind ik verregaande symbolen van de wegwerpmaatschappij.
Wat ik ook verfoeide aan die Olympia was het correctielint. Dat was wel nog van het oude type, zat los van de inktcassette, en kon in tegenstelling tot vroegere modellen, maar 1 keer afrollen. Met mijn lompe metselaarsvingers slaagde ik er nooit in dat prutserige rolletje te vervangen. En corrigeren was erg belangrijk voor een slagwerker als ik.
Op een dag was ik zo afgrondelijk boos op dat correctielint dat ik het in brand stak. En bij een van mijn vele verhuizingen, heb ik met sardonisch genoegen die hele Olympia in de vuilnisbak gepleurd. Neen, ik bracht het niet naar de kringloop, ik wilde echt niemand met zo’n klotetoestel opzadelen.
Hier op de redactie heb ik de faam dat ik ongewoon hard op de toetsen hamer. Thuis sluiten ze de deur van het bureau als ik computer. Drie verontschuldigingen. Vooreerst, zeker 1 collega van het radionieuws beukt nog harder op het klavier. Ik geef u graag zijn naam onder strikte geheimhouding. Twee, ik word een beetje zeeziek van het gluiperige geluid van hedendaaagse klavieren, zachtaardig bediend door voorzichtige vingers. Neen, wie uitgesproken meningen heeft zoals ik, moet die brutaal in de machine rammen, zoals Jerry Lewis in The Typewriter. En zo kom ik bij Drie. Ik protesteer en dat moet luid! De evolutie van de schrijfmachine bewijst dat we goed fout bezig zijn. Waarom moet een gemakkelijk betrouwbaar ding dat eenmaal geleverd niets meer kost of verbruikt, plaats ruimen voor ingewikkelde ondoorgrondelijke hitech die je moet inpluggen en waar je altijd iets aan te vervangen hebt?
@Allen: reageren op deze blog impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus – mod






Leuk verhaal, maar het uitgangspunt klopt niet. Zie http://www.zdnet.be/news/127082/typemachine-nog-niet-uitgestorven/