Weblog Lucas Vanclooster

De bal rolt

07 / 04 / 2011

Er is een mirakel gebeurd. De na-rondes in het nationale voetbal, in goed Nederlands playoffs and playdowns, zijn dan toch gestart. Al kan wellicht niemand beloven dat ze het einde halen, of niet een verongelijkte ploeg naar de kortgedingrechter, de UEFA, het Europees Hof voor de mensenrechten of de VN-veiligheidsraad zal stappen. Nu nog een federale regering. In vergelijking met de voetbalformatie is dat klein bier.

Wytewa en wielerkwis

Ik ben een gematigd sportliefhebber. Uitslagen en klassementen kunnen mij bekoren en ik kijk graag naar de doelpunten of de spurt in een wedstrijdverslag. Voor heelder matchen en wedstrijden in het echt of op TV heb ik helaas geen tijd. Ik ben eens met plezier naar RWDM-Germinal Ekeren gegaan. De Ronde van Vlaanderen bekeek ik zonder televisieklank met de radio op de TOP 100 van Klara. Sport en cultuur gaan samen, zeker weten. Af en toe miste ik wel iets omdat de wapperende leeuwenvendels mij winderigheid bezorgden.

Zelf speelde ik bij de kadetten van basketbalploeg Wytewa. Na enig gestuntel in de gymzaal vroeg de turnleraar, bijgenaamd Hitler, wat voor speler ik was. Middelmatig meneer, antwoordde ik nederig. Ik zal het zeggen, brieste hij: matig! Toen ik nachtmerries kreeg over gemiste dunks, stopte ik bij Wytewa.

Tijdens mijn legerdienst kon ik hard hollen. Na ereplaatsen aan de Watersportbaan in Gent, won ik in de lente van 1976 de cross van Rüthen in BSD. Het staat in de annalen van landsverdediging.

Ik spaarde prentjes van wielrenners, knipte foto’s van zegevierende coureurs uit de krant en speelde er wielerkwis mee met mijn ooms. Dat kwam omdat ons ver familielid Noël Vanclooster in die tijd eens tweede was in Gent-Wevelgem, kampioen van Vlaanderen in Koolskamp, en beste Belg in de Tour.

Man-tegen-man

In onverkochte agenda’s uit de papierhandel van mijn tante noteerde ik elke maandag bladzijdenlang resultaten, het begin van mijn journalistieke carriere. Mijn eerste wapenfeit op radio 1 was een portret van de intussen overleden bokser José Seys, ooit vice-Europees kampioen middengewicht.

Begin jaren 90 volgde ik een aantal bokskampen naast de ring, en ik bezocht trainingen. Zoals Jan Hoet raakte ik diep onder de indruk van de theatrale authenticiteit van die harde man-tegen-man-gevechten, waarbij de spelers zich toch perfect hielden aan de regels. In het voetbal is dat niet zo.

En waarom heet mijn zoon Frederik? Mogelijk omdat Fred Deburghgraeve in dezelfde sociale wijk geboren is als ik. Tenslotte, ik was ongezond gefascineerd door Ulrike Meinhof, maar koesterde een gezonde verliefdheid voor hoogspringster Ulrike Meyfarth, DDR-icoon Catharina Witt en voor onze schattige Sabine Appelmans.

Commercialisering

Als ik nu soms de neus ophaal voor sport, heeft dat niets te maken met de atleten, maar alles met de commercialisering (de Jupiler Pro League, bweurkhh), de lelijke taal (manche, poule, barrage, assist, poleposition), de heisa en hypes, de dikdoenerige bobo’s…Nou ja, ze hoeven niet dik te doen, ze zijn het.

En nu dus die na-rondes. Waarom eigenlijk? Ik ben een conservatief mens en dus ontgaat’ mij wat er verkeerd is aan een competitie waar na 30 wedstrijden de ploeg met de meeste punten kampioen speelt, en die met de minste degradeert. Jean-Paul Sartre wist het al: het kwaad is de systematische vervanging van het begrijpelijke door het abstracte.

Ik heb medelijden met mijn collega’s nieuwspresentatoren die het hoofd koel moeten houden bij play-off 1, play-off 2a, 2b, 3, play-down, uitsluitingswedstrijden en binnenkort de promotieronde in tweede klasse…We hebben verdraaid meer voetbalcompetities dan regeringen.

Geen quota

Als het tegenzit, ziet de hoogste klasse er volgend seizoen zo uit: 14 Vlaamse ploegen, 1 Brusselse, 1 of 2 Waalse en misschien 1 Duitstalige. Bij zoveel overwicht voel ik mij onbehaaglijk. Wat de oplossing is om een zekere pariteit te bereiken, zoals in de tijd van Tilleur, FC Luik, Seraing, La Louviere, Bergen, Tubbeke, Moeskroen, Daring, Racing White, Union Sint-Gillis, Racing Jet en Crossing Schaarbeek, weet ik niet. Ik zal maar geen quota voorstellen, of NVA trekt het hele register open van filibusteren, evoceren en raad-van–staten.

In afwachting toch een handvol raadgevingen. Vooreerst het voltallige ontslag van iedereen die nu iets met de voetbalbond te maken heeft. Buiten, gij onbekwamen. En een levenslang stadionverbod. Dat mag overigens ook gelden voor de eigenaars, voorzitters, managers en tuttiquanti van nogal wat clubs. Play-out!

Nieuwe lieden hebben we nodig. Mensen met een echt hart voor sport en met leiderscapaciteiten. Wie, o wie? Tja, voorlopig schiet mij alleen Michel Preud’Homme te binnen. En enkele gewezen scheidsrechters.

Vanzelfsprekend moet de Profliga die nu Pro League heet, verdampen. Dat is ‘n overlappende schaduwbond voor bobo’s die niet bij de echte organisatie raakten.

Bij de nieuwe kleinere efficiëntere voetbalbond moeten al die waterval-en paraplu-geledingen verdwijnen. Gedaan met de kalendercommissie, het sportcomité, het zelfverklaarde bondsparket zoals Johan Janssens het altijd sardonisch noemde, waar dan nog een beroepshof aan bengelt, het scheidsrechtersbestuur, het uitvoerend comité, de krijtlijngroep en de hoekschopvlagjes-cel. 1 bond, 1 leider en een handvol goede assistenten, da’s genoeg.

12 ploegen

De hoogste voetbalklasse moet maar uit 12 ploegen bestaan. En geen naronde. Wat de vijf laatsten in het klassement dit seizoen op het veld brachten, was zelfs niet 1 keer de derde klasse in Malta waardig. De injectie van ex-eersteklassers zal het niveau van tweede misschien verhogen. Als je snel depressief wil worden, trek eens naar een Erotica-beurs, of naar een match in tweede klasse, het voorgeborchte van het vagevuur.

Alle wedstrijden van de voetbalbeker moeten met directe uitschakeling, tot de finale op de Heizel. En beperk die beker tot en met de derde klasse. Vigor Hamme mag ook eens tegen Anderlecht winnen. Door die ingrepen is de competitie korter en krachtiger, en hanteerbaarder als het wekenlang zou sneeuwen. De ploegen die Europees spelen hebben meer ruimte om zich voor te bereiden, en de Rode Duivels vinden tijd om elkaar te ontmoeten en echt te trainen. Alleen voordelen.

De verloren inkomsten kunnen de ploegen recupereren door zonnepanelen op hun stadions te plaatsen. Haast je, na de demagogische hetze tegen de eigenaars van fotovoltaïsche cellen, gaan ze morrelen aan de subsidies.

Ideaal voetbalmoment

Ik wil weer enkele wedstrijden op zondagmiddag. Urbaan De Becker vond dat, ondermeer om familiale redenen, het ideale voetbalmoment. Nauwelijks hooliganisme op een mooie herfstmiddag. Jan Wauters kon heerlijk proletarisch uitweiden over de arbeider met de pet op die op zijn Flandia-brommer, met een broodtrommel onder de arm, naar de match kwam.

Voorts eis ik respect voor de scheids- en lijnrechters, de hardst werkende en minst betaalde mannen op het veld. Van trainers en voorzitters die in de media brullen dat ze verloren hebben door de schuld van een partijdige ref, heb ik echt genoeg. Onze scheidsrechters behoren tot de beste ter wereld, dat kunnen we van de voetbalbonzen niet zeggen.

En tenslotte…kan het wat bescheidener alstublieft? Ik beroep me op grote sportfilosofen als Johan Cruyff en Frank Raes…Die vinden voetbal het prachtigste op aarde, precies omdat het volslagen onbelangrijk is. Vergelijk het met poëzie.

Als we voetbal gaan institutionaliseren, als de aandacht verschuift van het veld naar het partijbureau van de Bond, dan gooit de sector het mooiste argument te grabbel. Het spel, niets dan het spel. Herinnert iemand zich nog Jan Peeters? Maar de namen van Johnny Thio, Pierre Carteus, Raoul Lambert, Jean Trappeniers, Nico DeWalque, Wilfried Puis, Jef Jurion, die leven over 5 eeuwen nog.

@Allen: reageren op deze blog impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus – mod

Plaats een antwoord op het bericht